De studenten

IMG_5409TIME-STUDENTEN; EVENVEEL TALEN ALS TALENTEN
T.I.M.E. richt zich op jonge (podium)kunstenaars – musici, componisten, theatermakers, dansers, performers, schrijvers, vormgevers – die al met één been in de praktijk staan. Je hebt de wil en aanleg om met je specifieke talent, fascinaties en opvattingen als uitgangspunt, muziektheater te maken. Je hebt een open mentaliteit en het sociale vermogen om samen te werken in een ensemble. Je durft fouten te maken en je grenzen te verleggen. Je wilt je verdiepen in de acterende muzikant en de musicerende acteur; de dialoog tussen beeld en klank. T.I.M.E. is voor beginnende uitvoerders en makers die zich verder willen specialiseren in het muziektheater. De specialisatie biedt een inspirerende en stimulerende omgeving voor verdieping in en kritisch onderzoek naar de theorie, praktijk en context van het muziektheater.

Na vier succesvolle cohorten volgt er geen nieuwe TIME-lichting meer bij het KC.

 

Student Peerke over T.I.M.E.(2010-2012):
je verdiepen tussen evenveel talen als talenten

Medea-Materiaal-TIME - foto Luca Di TommasoRegisseuse Peerke Malschaert gaat de diepte in in Den Haag en komt aan het eind van het eerste jaar van haar tweejarige masterspecialisatie Muziektheater. De master heet T.I.M.E. (This Is Music-theatre Education) en heeft zijn pilot aan de Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans in de hofstad. Het jaar wordt afgerond met de multidisciplinaire theatervoorstelling Medea Materiaal, die zij met haar negen medestudenten al discussiërend en elkaar vertalend gemaakt heeft. Peerke: ” Zo’n opleiding is een stroomversnelling van input.”


Tekst: Dirk Verhoeven

“We hebben zes weken met tien mensen zonder begeleiding aan Medea Materiaal gewerkt. Dat was pittig, omdat alle studenten verschillende achtergronden hebben. We spreken allemaal een andere taal, hebben een andere vooropleiding en referentiekader. Een keer per week kwam Paul Koek en een keer per week kwam Paul Slangen kijken – de oprichters van de master – en feedback geven. Zij gooiden alles weer overhoop, opdat je opnieuw ging nadenken over waar je mee bezig bent.

Ik word niet twee jaar lang lekker gepamperd. Je moet deze master helemaal zelf doen en dat is goed. De twee Pauls (Koek en Slangen) willen vooral dat je met vragen komt. Ik wist eerst niet wat ik met de klassieker Medea moest, maar het initiatief moet toch vanuit jezelf komen. Dus vond ik een filosofisch essay waarmee ik Medea als botsing van culturen kon benaderen en kon koppelen aan de actualiteit. We hebben geprobeerd het maken van een voorstelling te benaderen als ensemble. Daarin ga je elke keer dat je samen bent met de groep op zoek naar ieders werkwijze en geef je elkaar opdrachten. Korte acts van waar Medea volgens jou over gaat.

Masters in samenwerken
Begin twintigste eeuw was er veel meer kruisbestuiving tussen kunstenaars. Met architecten, beeldend kunstenaars en muzikanten zat je met zijn allen in de kroeg te ouwehoeren. Nu is er een ontzettende verwijdering. De tien makers binnen deze master zijn zo verschillend en dat is voor een creatief proces belangrijk: dat je op die manier elkaar verrast. Ik heb tijdens het maken van de voorstelling gegrapt dat we masters in samenwerken worden. Sommigen dagen heb je een hekel aan iedereen, maar het is de kunst dat je elkaar inspireert. Want je hebt tien verschillende meningen en smaken en je wil geen compromis maken. Ik leer op verschillende manieren van die tien heftige persoonlijkheden en ik word ook harder. Niet aan elke opmerking waarde hechten. Je leert je aannames opzij te zetten, de smaken en stijlen van een ander in perspectief te zien.

Juist die verschillende makerstalen hebben mij naar deze opleiding getrokken. Ik vind mijn werkwijze binnen de master niet anders dan hoe ik buiten de opleiding met maker Barbara Knapper samen voorstellingen maak. Ik ben op zoek naar hoe alles – taal, beeld, licht, muziek – gelijkwaardig aan elkaar kan zijn. Doordat we verschillende talen hebben stellen je medestudenten vragen waardoor je een nieuwe creativiteit moet aanboren. Als je vier jaar een theaterstudie doet heb je bepaalde aannames over het vak, terwijl bij deze master een muzikant of docent muziek die niet uit het theater komt het vak voor het eerst benadert. Ik leer van de verschillende disciplines. Bij muzikanten gaat een maakproces leven als je een structuur aanbiedt, terwijl als je een theatervoorstelling maakt dingen veel langer niet concreet blijven. Het is dan zoeken naar een kader binnen het maakproces waarbinnen ook de muzikant zich vrij genoeg voelt om los te gaan. Op een theateropleiding leer je je continu als individu ergens toe te verhouden en dat is in de muziek heel anders. In de discussies binnen de groep hebben de theatermensen het hoogste woord. Het is goed als de muzikanten daar een beetje tegenin leren te gaan.

Medea-Materiaal-TIME-011

John Cage & begrijpelijkheid

Als ik voorheen met muzikanten werkte had ik een zwarte vlek. Ik ben veel met muziek bezig, maar mis de droge, technische kennis. Nu weet ik beter waar de muzikanten het onderling over hebben. In een van de voorstellingen die ik voordat ik aan deze master begon maakte, Ons Oneindig, zat een liedje van Tom Waits en een rockgitarist. Nu verdiep ik me meer in John Cage, Misha Mengelberg en klassieke componisten. Ik probeer mijn kennis van muziekgeschiedenis en –theorie te vergroten. Er komen voortdurend stijlen voorbij. Ik heb nu vanuit een grafische partituur een scene gemaakt, John Cage-achtig. Dat is zo anders dan vanuit een theatertekst werken en dat vind ik superinspirerend. Ik begrijp nu waarom ik met muzikanten wil werken en muziektheater wil maken. Muziek is een abstracte kunstvorm en deze past bij het werk wat ik maak. Ook hoe muziek je zintuigen aanspreekt en je ontregelt. Dat biedt heel veel ruimte om aan de begrijpelijke verhaallijn te ontkomen, met het narratief heb ik weinig. Ik ben er ook achter gekomen dat ik net zo veel leer van de praktijk als van een opleiding. Deze master is een manier van leren.

We hebben aan het begin van de opleiding een blok gehad waarin elke maandag een gastspreker langskwam. Dan kwam er bijvoorbeeld iemand praten over het Midden-Oosten. Of we kregen architectuurles van Gosse de Kort. Zo’n opleiding is zodoende een stroomversnelling van input. Een overkill van informatie en inspiratie, dus je verdiept je op een hele snelle manier. Voor mijzelf vind ik het goed zo de breedte in te moeten. In de verbreding zit de verdieping, maar wel is alles in relatie gebracht tot muziektheater. Ik hoop dat ik na deze master kan uitkristalliseren en ik iets ga doen met alle ideeën die ik heb gekregen.”

————————————————————

STUDENTEN, MULTI-TALENTEN, DIE BETROKKEN ZIJN GEWEEST BIJ T.I.M.E. 2010-2018:

2010-2012
Muziek 
Kim-José Bode, Pauline ten Böhmer, Dodó Kis, Sarah Jeffery, Jeremiah Runnels, Dorine Schoon, Germaine Sijstermans
Theater Rian Evers, Milena Haverkamp, Tijs Huys, Peerke Malschaert, Lindertje Mans, Joost Steltenpool, Marjolijn Zwakman
2012-2014
Muziek 
Thomas Bensdorp (Compositie), Claudia Hansen, Sterre Konijn, Jorinde Kuiper, Jillis Kruk (Sonologie), Glenn Ryszko (Sonologie), Maya Verlaak (Compositie)
Theater 
Robin Coops, Bas Maassen, Joske Koning, Lucas Kramer, Lien Pisters, Lisa Verbelen, Emily Whitebread (ArtScience)
2014-2016
Muziek 
Andrius Arutiunian (Compositie), Larysa Bauge, Yvonne Freckmann (Compositie), Yael Levy (Compositie), Marleen Lieftink, Ward Reijmerink, Anne Rosa de Carvalho
Theater Iris van der Ende, Karlijn Hamer, Bram van Helden, Marijn Prakke
2016-2018
Muziek 
Pol van den Berg (Compositie), Wen Chin Fu, Cindy Giron (Compositie), Vitali Karagkezidis (Compositie), Juan Luis Montoro (Compositie), Gerjan Piksen, Tim Povel (Compositie), Liesbeth Vreeburg
Theater Myrthe Boersma, Julie Kurris, Marie Pien, Chandana Sarma, Vera Khvaleva (ArtScience), Victor Ynzonides (ArtScience)