Over T.I.M.E.

HF - Jos vd BroekMasteropleiding muziektheater T.I.M.E.                                       Tekst: Florrie van der Kamp

Veel musici en theatermakers begeven zich tegenwoordig op het pad van het ‘muziektheater maken’, niet in de geijkte vormen zoals opera of musical, maar op een meer vrije manier met voorstellingen waarin muziek en theater in allerlei mogelijke varianten worden gecombineerd. Tot voor kort zochten musici en theatermakers zelf hun weg hierin, maar sinds een paar jaar is er een masteropleiding muziektheater T.I.M.E. (This Is Music-theatre Education), gezamenlijk ontwikkeld door het Conservatorium in Den Haag en muziektheatergroep de Veenfabriek uit Leiden.

Combineren van muziek en theater

Het combineren van muziek en theater is natuurlijk al een eeuwenoude traditie: in de Griekse oudheid of bij religieuze bijeenkomsten in de middeleeuwen werden tekst, muziek, zang en/of dans gecombineerd. Vanaf de 17e eeuw ontwikkelde de opera zich en van daaruit operette, variété en de nu zo populaire musical. Bij al deze vormen liggen de verhoudingen tussen muziek en theater min of meer vast. Er werd wel geprobeerd om die vaststaande verhoudingen te veranderen, bijvoorbeeld door Wagner met zijn streven om muziek, tekst, beeld met elkaar te laten versmelten tot ‘Gesamttheater’ en Brecht die er voor zorgde dat het orkest zichtbaar was voor het publiek, maar structureel veranderde meestal niet veel aan de verhoudingen. In Nederland ontstond in de jaren ’70 van de vorige eeuw een groep theatermakers die een meer vrije vorm van muziektheater ontwikkelde, waarbij expliciet gezocht werd naar nieuwe verhoudingen tussen muziek en theater. Deze zoektocht is de kern van de masteropleiding muziektheater T.I.M.E. 

Space Elevator Marie en JohnMasteropleiding muziektheater T.I.M.E.

In deze masteropleiding kunnen zowel studenten met een vooropleiding muziek als theater instromen (zie kader). De TIME-studenten onderzoeken ieder vanuit hun eigen discipline het muziektheater om tot nieuwe presentatievormen te komen.

Ton van der Meer (theatermaker, musicus, docent) vat de filosofie van de opleiding als volgt samen: ‘Bij samenwerking met verschillende disciplines is het van wezenlijk belang dat de spelers echt geïnteresseerd zijn in andermans discipline en bereid zijn zich er in te verdiepen, elkaars werelden te leren kennen en te onderzoeken wat je er samen of apart mee kan op het podium. Ieder vak heeft zijn eigen achtergronden, principes, werkwijzen en het gaat erom dat je bereid bent je daardoor te laten beïnvloeden, dat mee te nemen in je eigen spel, en daar gezamenlijk iets nieuws van te maken. Acteurs kunnen veel leren van de muziekwereld: je kunt alles in het theater ‘musicaliseren’: alles is ritme, alles is klank, hoe je beweegt, hoe je spreekt, met muziek/klank kan je ruimte vullen, suggereren, met herhaling van klank kan je ook veel doen. Musici hebben veel te winnen als het gaat om presentatie, vormwetten, inhoud van de tekst, beweging e.d. Als het goed is levert deze intensieve samenwerking echt iets nieuws op. Essentieel is dat alle medespelers van A tot Z bij het hele ontwikkelingsproces betrokken zijn.’

IMG_0907Ervaringen van TIMEstudenten

In het monumentale gebouw van de voormalige textielfabriek Scheltema in Leiden woon ik een repetitie bij van de TIMEstudenten 2015. Als ze spelen is er weinig onderscheid waar te nemen tussen musici of anders opgeleiden. Iedereen wisselt steeds van rol en inbreng. Ze repeteren een stuk dat bestaat uit een caleidoscoop van scènes. Tijdens het gesprek in de lunchpauze vertellen ze bevlogen over hun ervaringen, waarom ze verder willen kijken dan hun eigen vak, en wat het werken volgens de TIME – filosofie hen oplevert.

Dirigent: ‘Ik vond en vind eigenlijk de rol van dirigent en de verhouding met de musici heel beperkend, heel formeel en star. Ik had daar zo genoeg van. De manier zoals we hier werken is zo anders. Muziektheater maken is een heel ander proces. Het geeft zoveel meer ruimte om je creativiteit te uiten. Je wordt gestimuleerd door de anderen en de andere manieren van benaderen/werken.’

Theaterstudent: ‘Laatst hadden we bijvoorbeeld een gastles van een architect. Dat geeft veel inspiratie om te kijken hoe je de ruimte kan gebruiken. ‘

Zangeres: ‘Groot verschil met deze opleiding en het conservatorium is dat er hier gewerkt wordt op een opbouwende manier: je krijgt de ruimte, stimulans en de steun om je eigen dingen te ontwikkelen. Een conservatoriumopleiding is eigenlijk alleen maar gefocust op één ding, en dat is nooit goed genoeg; het kan altijd beter en je kunt altijd meer studeren. Bij de opleiding als zangeres wordt overigens wel wat aandacht besteed aan podiumpresentatie en dergelijke, iets wat bij instrumentalisten meestal nauwelijks aandacht krijgt.’

IMG_1026Theaterstudent: ‘dat is wel opvallend ja: musici zijn zich er vaak nauwelijks van bewust dat ze gezien worden. Ze zijn alleen maar gericht op het zo mooi mogelijk spelen van hun muziek. Dat heel erg gefocust kunnen werken heeft zeker ook iets moois, dat vind ik wel inspirerend, want in de theaterwereld wordt vaak chaotischer gewerkt.’

Gitarist: ‘als je muziektheater maakt moet je als musicus ook wel bereid zijn om wat in te leveren op kwaliteit van je muziek. Dat kan niet anders omdat je je aandacht op meerdere dingen moet richten. Het is juist niet de bedoeling dat je alleen maar focust op jouw noten, jouw muziek. Je bent met zijn allen verantwoordelijk voor het geheel. Het is bij een theaterrepetitie ondenkbaar dat je even een boekje gaat lezen als je even niks te doen hebt, maar bij een orkestrepetitie is dat helemaal niet ongebruikelijk.’

Theaterstudent: ‘Wat ik kan leren van de wereld van de muziek is, dat muziek een veel abstracter middel is dan tekst of acteren om een bepaald gevoel of een sfeer over te brengen. Muziek is veel minder ‘uitleggerig’, dat is heel waardevol. Je kunt op zoveel manieren muziek of geluid gebruiken. Met muziek kan je op allerlei manieren een ruimte en een sfeer creëren.’

julie eaGitarist:’Je komt allemaal uit een verschillende wereld met een eigen taal, eigen gewoontes en eigen middelen om iets over te brengen en wij zijn eigenlijk al werkend bezig een gezamenlijke taal te vinden.’

Uit al deze ervaringen spreekt dat deze masteropleiding veel inspiratie en fundamentele bouwstenen biedt om je als muziektheatermaker te ontwikkelen. Aan iedereen die zich bezighoudt met het maken van muziektheater hebben de studenten één belangrijk advies: zoek samenwerking met andere disciplines uit de theaterwereld, stel je open en laat je inspireren! Er gaat een wereld voor je open.

 

Dit artikel verscheen in tijdschrift Kunstzone – tijdschrift voor kunst en cultuur in het onderwijs (juni 2016)

Een eerder versie van dit artikel verscheen  in Akkoord Magazine (juli 2015)

——————————————————————————————————————————–

Juni 2011: Regisseuse Peerke Malschaert gaat de diepte in in Den Haag en komt aan het eind van het eerste jaar van haar tweejarige masterspecialisatie Muziektheater. De master heet T.I.M.E. (This Is Music-theatre Education) en heeft zijn pilot aan het Koninklijk Conservatorium (Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans) in de hofstad. Het jaar wordt afgerond met de multidisciplinaire theatervoorstelling Medea Materiaal, die zij met haar negen medestudenten al discussiërend en elkaar vertalend gemaakt heeft. Peerke: ” Zo’n opleiding is een stroomversnelling van input.”

Tekst: Dirk Verhoeven

TIME Uitwissel en Peerke bij PHE 019“We hebben zes weken met tien mensen zonder begeleiding aan Medea Materiaal gewerkt. Dat was pittig, omdat alle studenten verschillende achtergronden hebben. We spreken allemaal een andere taal, hebben een andere vooropleiding en referentiekader. Een keer per week kwam Paul Koek en een keer per week kwam Paul Slangen kijken – de oprichters van de master – en feedback geven. Zij gooiden alles weer overhoop, opdat je opnieuw ging nadenken over waar je mee bezig bent.

Ik word niet twee jaar lang lekker gepamperd. Je moet deze master helemaal zelf doen en dat is goed. De twee Pauls (Koek en Slangen) willen vooral dat je met vragen komt. Ik wist eerst niet wat ik met de klassieker Medea moest, maar het initiatief moet toch vanuit jezelf komen. Dus vond ik een filosofisch essay waarmee ik Medea als botsing van culturen kon benaderen en kon koppelen aan de actualiteit. We hebben geprobeerd het maken van een voorstelling te benaderen als ensemble. Daarin ga je elke keer dat je samen bent met de groep op zoek naar ieders werkwijze en geef je elkaar opdrachten. Korte acts van waar Medea volgens jou over gaat.

IMG_4630Masters in samenwerken
Begin twintigste eeuw was er veel meer kruisbestuiving tussen kunstenaars. Met architecten, beeldend kunstenaars en muzikanten zat je met zijn allen in de kroeg te ouwehoeren. Nu is er een ontzettende verwijdering. De tien makers binnen deze master zijn zo verschillend en dat is voor een creatief proces belangrijk: dat je op die manier elkaar verrast. Ik heb tijdens het maken van de voorstelling gegrapt dat we masters in samenwerken worden. Sommigen dagen heb je een hekel aan iedereen, maar het is de kunst dat je elkaar inspireert. Want je hebt tien verschillende meningen en smaken en je wil geen compromis maken. Ik leer op verschillende manieren van die tien heftige persoonlijkheden en ik word ook harder. Niet aan elke opmerking waarde hechten. Je leert je aannames opzij te zetten, de smaken en stijlen van een ander in perspectief te zien.

072Juist die verschillende makerstalen hebben mij naar deze opleiding getrokken. Ik vind mijn werkwijze binnen de master niet anders dan hoe ik buiten de opleiding met maker Barbara Knapper samen voorstellingen maak. Ik ben op zoek naar hoe alles – taal, beeld, licht, muziek – gelijkwaardig aan elkaar kan zijn. Doordat we verschillende talen hebben stellen je medestudenten vragen waardoor je een nieuwe creativiteit moet aanboren. Als je vier jaar een theaterstudie doet heb je bepaalde aannames over het vak, terwijl bij deze master een muzikant of docent muziek die niet uit het theater komt het vak voor het eerst benadert. Ik leer van de verschillende disciplines. Bij muzikanten gaat een maakproces leven als je een structuur aanbiedt, terwijl als je een theatervoorstelling maakt dingen veel langer niet concreet blijven. Het is dan zoeken naar een kader binnen het maakproces waarbinnen ook de muzikant zich vrij genoeg voelt om los te gaan. Op een theateropleiding leer je je continu als individu ergens toe te verhouden en dat is in de muziek heel anders. In de discussies binnen de groep hebben de theatermensen het hoogste woord. Het is goed als de muzikanten daar een beetje tegenin leren te gaan.

IMG_4721John Cage & begrijpelijkheid
Als ik voorheen met muzikanten werkte had ik een zwarte vlek. Ik ben veel met muziek bezig, maar mis de droge, technische kennis. Nu weet ik beter waar de muzikanten het onderling over hebben. In een van de voorstellingen die ik voordat ik aan deze master begon maakte, Ons Oneindig, zat een liedje van Tom Waits en een rockgitarist. Nu verdiep ik me meer in John Cage, Misha Mengelberg en klassieke componisten. Ik probeer mijn kennis van muziekgeschiedenis en –theorie te vergroten. Er komen voortdurend stijlen voorbij. Ik heb nu vanuit een grafische partituur een scene gemaakt, John Cage-achtig. Dat is zo anders dan vanuit een theatertekst werken en dat vind ik superinspirerend. Ik begrijp nu waarom ik met muzikanten wil werken en muziektheater wil maken. Muziek is een abstracte kunstvorm en deze past bij het werk wat ik maak. Ook hoe muziek je zintuigen aanspreekt en je ontregelt. Dat biedt heel veel ruimte om aan de begrijpelijke verhaallijn te ontkomen, met het narratief heb ik weinig. Ik ben er ook achter gekomen dat ik net zo veel leer van de praktijk als van een opleiding. Deze master is een manier van leren.

1010 T.I.M.E. regie Eric de Vroedt 003 (22)We hebben aan het begin van de opleiding een blok gehad waarin elke maandag een gastspreker langskwam. Dan kwam er bijvoorbeeld iemand praten over het Midden-Oosten. Of we kregen architectuurles van Gosse de Kort. Zo’n opleiding is zodoende een stroomversnelling van input. Een overkill van informatie en inspiratie, dus je verdiept je op een hele snelle manier. Voor mijzelf vind ik het goed zo de breedte in te moeten. In de verbreding zit de verdieping, maar wel is alles in relatie gebracht tot muziektheater. Ik hoop dat ik na deze master kan uitkristalliseren en ik iets ga doen met alle ideeën die ik heb gekregen.”